www.lasithi-holidays.net

The sunny site of Crete

Home
Terug naar overzicht

Het dorpje Vasilike was een van de eerste Minoische nederzettingen dat zijn eigen stadsplan had. Het was gebouwd op de hellingen van een lage heuvel vlakbij het dorpje Vasilike en lag in de buurt van Gournia; ook een nederzetting uit de Minoische periode. De eerste nederzetting dateert uit de Vroege Minoische II periode (2600 – 2300 v. Chr.) en dankte zijn ontwikkeling en vooruitgang niet alleen aan zijn gunstige strategische positie (aan kop van de Ierapetra landengte) maar ook aan zijn vruchtbare grond. Het voornaamste gebouw van deze nederzetting werd omstreeks 2300 v. Chr. door brand verwoest. De heuvel werd opnieuw bewoond in de Midden Minoische periode, wat we kunnen afleiden uit de vondst van een gebouw uit die periode (2200-1900 v. Chr.) hoewel er ook sporen van een bewoning uit de Romeinse periode zijn gevonden. Het eerste onderzoek van deze opgraving werd begin 1900 uitgevoerd door Amerikaanse archeologen; eerst door H. Boyd en later door R.B. Seager. In 1970, ging een grondig onderzoek van start onder leiding van A. Zois (die onder de verantwoording van het Athens Archaeological Society viel) en duurt nog steeds voort. De al ontblootte oudkundige vondsten werden daarbij opgeruimd en nog eens aan een nauwkeurig onderzoek onderworpen.

De belangrijkste bezienswaardigheden van deze opgraving zijn:

“Het Huis op de Heuvel” – dit was een groot gebouw dat  kon worden beschouwd (zij het dan in het klein) als een voorloper van de latere Minoische paleizen.  Het gebouw, met de hoeken gericht op de kompaspunten, vond zeer waarschijnlijk zijn inspiratie in de Oosterse architectuur. De vertrekken, waarvan de zuidvleugel de grootste was, waren rechthoekig en door middel van lange gangen met elkaar verbonden. Sommige van de langwerpige vertrekken waren winkels terwijl anderen de persoonlijke vertrekken moesten voorstellen. Deze laatste hadden alle een geplaveide binnenplaats met een uit rotssteen gehakte lichtbron. De bekleding van de binnenmuren bestond uit rood pleisterwerk en waren versterkt met houten timmerwerk. De muren op de begane grond waren vervaardigd uit kleine stenen en aangesmeerd met klei en stro terwijl de muren op de eerste verdieping waren gemaakt van lemen bakstenen.
Huis A – dit is een typisch voorbeeld van de Midden Minoische  “agglutinatie” architectuur waarbij lukraak huizen werden aangebouwd hoewel ze wel een zelfde soort eenheid bezaten. Het is te vinden aan de tweesprong en had een smalle toegangspoort die te bereiken was vanaf een uit treden bestaand straatje. Schijnbaar maakte deze woonwijk vier belangrijke bouwfases door en elke fase wordt vertegenwoordigd door de vondst van een huis uit die periode. Vooral in de Midden Minoische periode moet het aantal huizen bijna de volledige helling aan de oostkant van de heuvel hebben bedekt.