www.lasithi-holidays.net

The sunny site of Crete

Home
Terug naar overzicht

Op een kleine landtong, Trypetos genaamd dat 3km ten oosten van het huidige Sitia ligt, is een stad uit de Hellenistische periode (midden van de 4e- tot het midden van de1ste eeuw v. Chr.) zichtbaar, die vermoedelijk de oude stad Eteia was. Een Hellenistische scheepswerf werd aan de oostkust van deze landtong ontdekt. Helaas hebben landbouwers in 1960 met graafmachines die ze nodig hadden om het land te bewerken ernstige schade toegebracht aan de overblijfselen die vlak onder het oppervlak verborgen lagen. Vanaf 1987 is er een intensief onderzoek gaande naar ruines uit de Hellenistische periode en wordt uitgevoerd door de Dienst van Antiquiteiten o.l.v N.Papadakis.

De belangrijkste bezienswaardigheden van deze opgraving zijn:

De scheepswerf – deze lag op het zuidelijkste puntje aan de oostkant van de landtong die “Trypetos” of “Karavopetra”. Hij was rechthoekig qua vorm (30m. lang, 5.50 m. breed, and 5 m. hoog) had geen dak en was uit stenen gehouwen. De vloer is naar de zeekant toe iets hellend (15-30 graden) maar sluit niet aan op het zeeniveau wat waarschijnlijk aan de geografische veranderingen van de laatste eeuwen is te wijten. Een boot wat hier vroeger (gedurende de wintermaanden) beschutting zocht, moet van een gemiddelde grootte en lengte zijn geweest. Krassen op een van de rotsen geven aan dat hier een houten moer of grendel heeft gezeten voor het aanleggen van een boot. Andere delen van de scheepswerf, zoals de vloer, het zadeldak en takelapparaten, waren van hout gemaakt en zijn helaas niet bewaard gebleven.
De Hellenistische stad – deze beslaat het totale oppervlakte van de landtong en was terrasvormig opgebouwd waarbij men rekening hield met de natuurlijke omgeving. Aan de zuidkant werd de stad beschermd door een reusachtige muur die de scheidingslijn tussen de landtong en het vasteland vormde. De muur is opgebouwd uit keien en in de breedte meet hij zo’n 1.8 meter (in de delen die al zijn opgegraven) Tegen de binnenkant van de muur zijn kamers, delen van huizen en militaire uitrustingen te vinden. Het meest belangrijke vertrek schijnt een hal te zijn geweest die 7.5 bij 5 meter mat (met in het midden een rechthoekige openhaard) die uit vast gesteente was opgebouwd en met leem was aangesmeerd. Aan de zuidkant van de openhaard stond een lage “poros” bank met een langwerpige inkeping waarin het onderste gedeelte van een “poros” schroef werd gevonden.  Naar alle waarschijnlijkheid was dit een stuk van een reliëf of een beeldje dat gebruikt werd bij bepaalde riten aan de haard. Een halfronde bank die om de haard was gebouwd en aan de muur was bevestigd diende vermoedelijk als een zitplaats voor de bewoners. Tevens zijn hier opslagruimtes gevonden alsook een waterreservoir met hydraulisch pleisterwerk en met steen geplaveide straten waarvan eentje de scheidingslijn vormde tussen twee woonwijken. Onder de belangrijkste vondsten bevond zich ook een serie munten die door de stad zelf was geslagen.